vrijdag 13 maart 2026

Niemand de deur uit!

Dat riep mijn moeder altijd wanneer ze iets kwijt was. Soms ook als wij - haar kinderen - iets kwijt waren. Het zorgde voor een algehele zoek- en reddingsactie. Iedereen moest meehelpen. Kijken in alle gaten en hoeken, op de kasten, onder de kasten, in de vuilnisbak, op het toilet: kortom geen plekje werd overgeslagen. Het eindigde er in - nadat het theaterstukje tot een absoluut wanhopige climax was gedreven onder de paniekerige uitlatingen van mijn moeder - dat het gezochte op magische wijze in een zak van haar schort (denk aan Ma Flodder en je hebt een passend plaatje) terecht was gekomen. We kwamen er niet achter of mijn moeder dat item echt kwijt was, of dat het haar ging om het drama en het gedoe - de reuring eromheen. 

Ik verdenk haar er nog steeds van dat ze problemen -het betrof ook niet werkende apparaten en ander klein huishoudelijk malheur - veroorzaakte, daar enorm drama bij maakte, om niet alleen aandacht te krijgen, en de sleur van alle dag te verdrijven, maar ook omdat ze van niets anders zo genoot als een stukje theater. En bij de zoektochten had ze het bijzonder vermakelijk gevonden als wij ons hadden uitgedost als Sherlock Holmes of een andere speurneus naar haar gading - Poirot, Columbo - getooid met de benodigde attributen zoals een enorm vergrootglas. Mijn moeder hield van niets meer dan groots drama en toneelspel. Dan had ze het ook nog graag gecompleteerd gezien met leuke liedjes die het thema van de zoektocht omlijstten. Een huiselijke dramatische musical. Ze had meteen een kaartje gekocht, ware het niet dat ze zelf de regisseur was. 

Nog steeds raak ik bij alles wat ik kwijt ben in totale apathie. Het is alsof ik nog immer gevangen zit in het toneelstukje van mijn moeder dat tegelijk nu levensecht voelt, als dat ik ernstig twijfel of ik niet voor de gek wordt gehouden en maar niet mee moet doen. Als ik iets kwijt ben, dan ga ik nooit de deur uit voordat het is gevonden. Het is dodelijk vermoeiend. Bedankt ouwe... 

Geen opmerkingen: