vrijdag 13 maart 2026

Niemand de deur uit!

Dat riep mijn moeder altijd wanneer ze iets kwijt was. Soms ook als wij - haar kinderen - iets kwijt waren. Het zorgde voor een algehele zoek- en reddingsactie. Iedereen moest meehelpen. Kijken in alle gaten en hoeken, op de kasten, onder de kasten, in de vuilnisbak, op het toilet: kortom geen plekje werd overgeslagen. Het eindigde er in - nadat het theaterstukje tot een absoluut wanhopige climax was gedreven onder de paniekerige uitlatingen van mijn moeder - dat het gezochte op magische wijze in een zak van haar schort (denk aan Ma Flodder en je hebt een passend plaatje) terecht was gekomen. We kwamen er niet achter of mijn moeder dat item echt kwijt was, of dat het haar ging om het drama en het gedoe - de reuring eromheen. 

Ik verdenk haar er nog steeds van dat ze problemen -het betrof ook niet werkende apparaten en ander klein huishoudelijk malheur - veroorzaakte, daar enorm drama bij maakte, om niet alleen aandacht te krijgen, en de sleur van alle dag te verdrijven, maar ook omdat ze van niets anders zo genoot als een stukje theater. En bij de zoektochten had ze het bijzonder vermakelijk gevonden als wij ons hadden uitgedost als Sherlock Holmes of een andere speurneus naar haar gading - Poirot, Columbo - getooid met de benodigde attributen zoals een enorm vergrootglas. Mijn moeder hield van niets meer dan groots drama en toneelspel. Dan had ze het ook nog graag gecompleteerd gezien met leuke liedjes die het thema van de zoektocht omlijstten. Een huiselijke dramatische musical. Ze had meteen een kaartje gekocht, ware het niet dat ze zelf de regisseur was. 

Nog steeds raak ik bij alles wat ik kwijt ben in totale apathie. Het is alsof ik nog immer gevangen zit in het toneelstukje van mijn moeder dat tegelijk nu levensecht voelt, als dat ik ernstig twijfel of ik niet voor de gek wordt gehouden en maar niet mee moet doen. Als ik iets kwijt ben, dan ga ik nooit de deur uit voordat het is gevonden. Het is dodelijk vermoeiend. Bedankt ouwe... 

zaterdag 28 februari 2026

No turning back...

Ik heb heel slecht nieuws. Sinds afgelopen maandag heb ik toenemende breinmist. Dat waar ik van 2023 juni tot december 2024 in heb gezeten waardoor een simpel wandelingetje voor mij als een reis naar de maan en terug aanvoelde. Een hoofd dat niet kan schakelen, waarbij klok kijken een uur duurt, en koken een hachelijke onderneming is. De tijd verruimt waardoor alles heel erg lang lijkt te duren. Een ei koken een dag in beslag neemt, en wakker liggen eeuwen bestrijkt. Waarbij elke actie vertraagt tot het tempo van een slak en ik dat nog te hard lopen vind. Het gevoel beklemt me, in mijn hoofd ben ik al daar waar ik nooit meer wilde zijn. Ik slaap opeens heel erg kort en onrustig, ik heb steeds koortsaanvallen, mijn mond voelt alsof er duizenden naalden in prikken van binnen, de tinnitus is hels hard geworden. Ik heb een rauwe keel, prikkende ogen en de marmot in mijn buik heeft zich vannacht weer geroerd. Mijn lijf staat strak van de stress, en niet omdat ik me druk maak, nee vanwege de schimmel belasting precies zoals 3 jaar geleden. Een kracht die mijn gedachten en lijf overneemt en mij als een zombie wegstopt in een wereld die kleiner lijkt dan de paar millimeter om mij heen. Ik voel, ruik, proef de schimmel in mijn hele lijf, het gif neemt mij over. Dat was toen 18 maanden zo en dat heb ik overleefd met een bovenmatige inspanning. Die kan ik niet meer opbrengen, zoveel weet ik nu. Het gif had toen geen weken nodig om mijn leven helemaal op de kop te zetten en mij totaal apathisch te laten worden, van bank naar bed, en andersom, en met de tv aan om niet knettergek te worden en tegelijk te merken dat ik niet aanwezig was. Degene die waarnam, was niet thuis. 

Ik merkte het zojuist toen ik de tv uit wilde zetten, het duurde minuten lang voordat ik begreep en zag welke afstandsbediening ik nodig had van de 3 die naast elkaar liggen: de bediening voor het licht, de Chromecast en die voor de tv zelf (aan/uit, kanaal, geluid). En nog kostte het een hele poos voordat ik de juist knop had gekozen. De groene, en het wilde er maar niet uitkomen, uit mijn hersens: die moet je hebben. Het leek een eeuwigheid te duren. De dokter had het toch niet zo goed benoemd: "verstoring van de executieve functies". Het zit op een dieper level. Waarnemen en beoordelen is verstoord. Er zit een vertraging en ruis op de lijn, Signalen moeten herhaaldelijk verstuurd worden voordat er een vage boodschap aankomt die dan via checks and balances op de lijn terug verificatie nodig hebben. De lijn is vervuild en berichten komen niet of haperend in delen aan. Voordat de executie kan starten gaat er in het voortraject al heel veel mis. Dus de executieve functies zijn misschien toch niet verstoord, maar het hele denkproces daarvoor. Na de beslissing om iets te gaan doen (tv moet uit), is er zoveel verstoring in het traject, dat het heel veel tijd kost voordat daar een signaal uit komt naar de executie. De CPU trekt het niet, de klok frequentie is ingestort, de processor draait op een hele lage snelheid en neemt alle te doorlopen stappen daarin mee. Het is als een digitale telefoonlijn waar woorden wegvallen in de boodschap en er alleen nog maar snelle opeenvolgingen van bits en bytes te horen zijn in een soort hoogfrequent scherp trillend en tikkend geluid. De communicatie is naar de vaantjes.

Ook merk ik het in woorden vinden. De, het en een, dat gaat nog wel. Maar dan: alle werkwoorden moeten gewogen worden: is dit wel het woord dat hier past en klopt het met mijn boodschap? En dan gok ik maar. Wanneer ik schrijf gok ik maar wat, omdat ik anders het eind van de zin niet haal. Het korte termijn geheugen is zo kort geworden dat ik niet vooruit kan kijken. Enkel dat wat er nu is, is er. En de rest: ik moet er maar op hopen dat dat congrueert met wat er al staat, want terugkijken kan net zo goed niet, dan verlies ik de hele zin. Kromme zinnen, in de zin van verkeerde woorden op de juiste plek, missende woorden die ik wel dacht, maar die nooit de executie naar toetsenbord halen omdat er vertraging en verlies op de lijn zit. En zelf herken ik de regels niet meer als ik ze teruglees... Huh? Was dit de boodschap? Bij het praten val ik stil, is er leegte, een allesomvattend niets. En de tijd staat stil, of ik sta stil in de tijd die voor anderen doorloopt. Dan bemerk ik dat er iets vreemds is, door de reactie van anderen die stopt. Terwijl ik zit te wachten tot er ergens weer iemand gaat praten en heb niet meer door dat ik dat zou moeten zijn. Ik wacht tot mijn eigen executieve traject weer doorgang heeft en stel niet vast dat ik daarvoor op een knop moet drukken. Of er komen boodschappen binnen van de ander met too much info. Ik verwerk niet meer op een 'standaard' spreek en luistertempo. Net zoals ik woorden niet kan vinden (vanwege tijdgebrek), kan ik ook betekenis niet meer vinden. Ik begrijp - of denkt te begrijpen - wat men zegt vanuit een algemeen beeld. Door een soort AI module die meer op verwachting en statistiek werkt dan dat deze werkelijk luistert en hoort wat er gezegd wordt. Het zal wel dit zijn. Wanneer dat niet zo blijkt te zijn - op moment dat ik opmerk dat de ander stilvalt of vreemde bekken trekt - dan raak ik in de war, ontstaat er stress en gaat mijn hele systeem onderuit. 

Ik zit vast en opgesloten in de mist, in de breinmist. Alle processen die met denken te maken hebben zijn verstoord. Het lijkt misschien wel op een locked in syndroom. Ik neem alles waar, en de tijd is vertraagd. Alles lijkt veel langer te duren, neemt onbehoorlijk veel tijd in beslag - in beleving - en ik handel veel trager dan 'normaal'. Bij alles wat ik doe heb ik te weinig breinvermogen beschikbaar (het is er wel, maar kan niet ingezet worden, de CPU draait op een heel laag toerental en kan nog niet 1 proces tegelijk uitvoeren) om in het moment aanwezig te zijn. En wanneer ik merk dat ik terug moet naar het begin omdat ik niet door de taak heen kom, dan weet ik niet waar het begin is en stopt alles. Ik raak in een zombie stand, en als de stress toeneemt volgt er een shutdown. Rebooten lukt niet, dat kan ik zelf niet aanzetten. Ik wacht, ik wacht, ik wacht. Het wachten is eindeloos.  Daar is dan het gevoel te zitten in een afgesloten doorzichtige buis van waaruit ik alles kan zien. Waarnemend door een sluier, met vertraging. Ik ben er niet, en toch weer wel. Verbinden met de buitenwereld is een onmogelijkheid geworden. Ik stuur uit, en weet niet wat er aankomt in de buitenwereld en de signalen die ik oppak lijken niet te passen bij de boodschap die ik zond. Ik sta in de wereld en het voelt alsof ik in een parallel universum vastzit. Vergelijkbaar met het beeld van Cooper in de film Interstellar die vanuit een andere dimensie zijn dochter Murph op aarde boodschappen stuurt via code door boeken uit haar boekenkast te laten vallen. Ik voel mij net als Cooper gevangen in de tussenwereld en het contact maken met aarde is een tour de force. Ik ben de wanhoop al voorbij. No turning back...


vrijdag 13 februari 2026

Zombie

Elke ochtend weer ben ik blij dat ik wakker ben geworden. Want dat betekent dat ik geslapen heb.

Van juni 2023 tot december 2024 - 18 maanden lang - heb ik gemiddeld niet meer dan 3uur per dag geslapen. De eerste maanden - juni tot oktober - sliep ik niet. Geen uur, geen minuut, ik sliep NIET! Ook overdag kon ik niet in slaap vallen, bij elke neiging van mijn lichaam - dat al na enkele weken door totale uitputting in shutdown was gegaan - even weg te doezelen, schoot ik meteen weer op. Rust was waar ik naar verlangde en die kwam maar niet. Ik at niet meer, ik bewoog niet meer. Ik verhuisde van bed naar bank. De tv stond aan, ik nam niet waar, ik zat vast in mijn hoofd met repeterende gedachten.

Op spaarzame momenten was ik in staat om met iemand te praten, en hoewel mijn woorden en zinnen coherent klonken, ervoer ik het zelf alsof ik door vitrage en een wattenwolk met de ander sprak, alsof ik in een schijnwereld verkeerde. Ik voelde mij als een zombie, ik verbleef 18 maanden in de twilight zone. Vele momenten heb ik gevoeld dat ik op korte termijn zou sterven, vele momenten heb ik gedacht dat ik dat proces zelf een handje zou moeten helpen, De zwaarte van mijn afzondering van de wereld en mijzelf was ondraaglijk. 

Ik was niet in staat om voor mijzelf te zorgen, gedachtes vervlogen, letters dansten voor mijn ogen. Veters strikken leek meer op het verrichten van ingewikkelde kwantum berekeningen. Een tochtje naar de supermarkt was onmogelijk en wanneer ik zoiets toch ondernam kon ik uren daar verblijven - meestal op ongeveer dezelfde plek in het zelfde gangpad - en zonder boodschappen thuiskomen. Alles kostte enorme veel moeite. Ik zat uren op een bankje in het park voor mij uit te staren met maar 1 gedachte: was dit maar over...

Ik at niet, ik kon geen maaltijd voor mijzelf bereiden, ik stond een minuut aan het fornuis en had het gevoel dat ik er al uren stond en begreep niet dat het eten steeds niet gaar was gekookt. Een boterham smeren duurde een eeuwigheid, mijn bewegingen en gedachten vertraagden, ik leefde in een voortdurende slow motion en alles leek eindeloos lang te duren. 

Iets mee dan een jaar geleden - kerst 2024 - begon het ontwaken en merkte ik dat het langzaam beter ging. Mijn tijdsbeleving normaliseerde, ik had weer controle over mijn gedachten, kon weer mails lezen zonder na elke regel te bemerken dat ik de vorige alweer vergeten was. Het koken lukte weer in mijn eentje en het bewijs van de pudding was dat ik met kerst een meergangen menu kookte om samen met een vriend van te genieten. 

Na enkele weken van licht herstel, stokte mijn vooruitgang door een bizarre kafkaëske verstoring ten gevolge van herhalend ondermijnend gedrag van een gemeentelijk functionaris. Ik werd moe, raakte weer uitgeput en vanaf februari zakte ik elk weekend weer in de Twilight Zone, het zombie gevoel kwam terug, de angst bekroop mij.

En toen was er de brand.  

zondag 1 februari 2026

Mechanikus

Ik ben een mechanicus. Al mijn hele leven wil ik weten hoe dingen werken. Hoe het mechaniek voorspelt wat de volgende actie is. Als 4 jarige haalde ik al buizenradio's uit elkaar tot grote ergernis van mijn vader, die mij daar overigens amper over kapittelde. Hij reageerde meer beduusd. Zo van: "dat had ik niet aan zien komen". En tegelijk wist ie zich geen raad. Mijn vader was zeker geen mechanicus. Hij begreep er niks van en zo ook niks van mij. En hij was niet in staat om de buizenradio weer te laten werken. Dat verwachtte ik ook niet hoor. Later hoorde ik dat mijn opa (moeders kant) zich vermaakte met elektronica. We hadden het zeker erg leuk met elkaar kunnen hebben. Hij stierf voordat ik geboren was. Ook elektronica valt binnen het bereik van de mechanicus. De aaneenschakeling van componenten voorspelt het gedrag van het systeem. met wat je erin stopt kun je exact voorspellen - zolang alles functioneert volgens specificaties -  wat er uit komt. Het gedrag van de schakeling is - met kennis van de werking van de componenten en hun interactie - geen mirakel of toverkunst, maar afleidbaar en gevolg van alle gemaakte keuzes. Voor de mechanicus zijn er hier geen geheimen, alle parameters zijn bekend.

In dezelfde tijd dat ik buizenradio's en televisies - om een of andere reden kwam er steeds weer een ander groot elektronisch apparaat in een houten behuizing (we spreken over de jaren 70) de woonkamer binnen - demonteerde om te ontdekken waar het leven in die kasten vandaan kwam, keek ik graag naar de films van Charlie Chaplin en Buster Keaton. Die  maakten grote indruk op mij. Slapstick is in essentie ook mechanica, van alles grijpt op elkaar in en het is voorspelbaar wat er gaat gebeuren. De wereld is geordend en overzichtelijk in de opzettelijk veroorzaakte chaos die je tegelijk doet huiveren als schaterlachen. De Dikke en de Dunne, de scène met de piano van de trappen. Onvermijdelijk wat het eindshot is. Wat maakt dat dit zo'n aantrekkingskracht heeft? 

Dat je beloond wordt voor het toekomstbeeld dat je hebt. Uiteindelijk gaat de buitenwereld kloppen met het beeld dat je daarover gevormd hebt. De voorspelbaarheid van de acties van de diverse 'acteurs' en hun reactie - vooral de onverstoorbaarheid van Chaplin en Keaton:  alsof het allemaal helemaal normaal is wat hen overkomt - maakt dat je gerust bent. Er gaat niemand dood, er is geen paniek, en als die er al is, dan is het intern bij de toeschouwer: kijk uit, pas op, oh nee toch! Of zoals mijn moeder wel 100 keer uitriep "Ach godskens" - gereformeerden zijn niet roomser dan de paus en vloeken net als iedereen. Mijn moeder had dat vooral bij ver doorgedreven verbale humor: keiharde zwarte grappen konden altijd rekenen op een expliciete non-verbale afwijzing die haar pret moest verhullen. Tegelijk genoot ze met teugen van wietzen die te erg waren om waar te zijn. Ze maakte ze zelf nooit. Wij fungeerden als de cabaretiers die haar plezier brachten - en ook de fysieke humor die haar tot in haar vezels deed beseffen en voelen dat ook zij van vlees en bloed was, in plaats van de schijnbaar veredelde huisrobot die ook nog eens de kinderen opvoedde en haar man in toom hield. 

Maar goed, de mechanicus. Mijn plezier is het hoogst als mij het mechaniek duidelijk is. Dat is dan ook meteen mijn enig streven in het leven. Waarbij uitvinden waar de start ligt, wat er is dat beweging krijgt in die lange reeks van oorzaak en gevolg, mij steeds weer in de greep heeft. Zo geldt dat voor dingen, machines, voertuigen, klokken, horloges, enzovoort, als ook voor levende organismen - hoe weet een boom wanneer hij.zij/het bladeren moet maken, hoe weet een worm welke kant hij op moet, hoe komt de mens tot de beslissing om opeens treinconducteur te worden - als ook voor sociale interacties: dierlijk gedrag. Waarbij gedrag van mensen mij bijzonder boeit. Het mechaniek daarachter, en het ontwarren daarvan, daar kun je me 's nachts voor wakker maken. Het vermoeit mij niet om daar mijn tanden in te zetten en te ontwarren wat de drijfveren zijn die mensen in beweging zetten. Waarom? Gewoon omdat het leuk is je bezig te houden met iets wat je nog niet snapt. Anders verveel ik me dood want alle andere mechanieken - gaap - die zijn zo doorzichtig als wat, of bedoeld ingewikkeld zodat er geen eer aan te behalen valt. Ik houd me het liefst bezig met dat waarmee ik mezelf ook kan verbinden en in kan spiegelen. 

Slapstick is alleen leuk als je spiegelneuronen goed werken. Anders voel je er niks bij. En zonder gevoel is het leven nutteloos, zinloos en gedoemd tot leegte. Ken je dat, dat wanneer je iemand ziet vallen en landen op zijn/haar kruis, dat je dat zelf voelt als vergelijkbare pijn? En dat je dan moet lachen omdat je zelf die pijn niet hebt, maar wel even dacht dat? Als je dat kent, dan doen je spiegelneuronen het. En anders? Tja... jammer de bammer, dan valt er weinig te lachen.

maandag 26 januari 2026

De Autist

Kent u dat: dat je iemand bedankt voor een gesprek en de ander dan zegt:... "geen probleem". Alsof het gesprek een probleem was dat door de ander opgelost is. Alsof de ander alle moeite heeft gedaan en mijn dankbaarheid eenzijdig geheel terecht is. Alsof we net een transactie hebben gedaan. Hé gekkerd, ik verwacht dat je zegt: jij ook bedankt, fijn gesprek! "Geen probleem", pfft, mafklapper. 

Of kent u dat: dat je vertelt hoe je je voelt bij iets en dat de ander zegt: "nou dat weet ik niet hoor". Alsof er te twijfelen valt aan mijn gevoel door de ander. Who T.F. denk je dat je bent denk ik dan, en waarom zeg je zoiets achterlijks? Die ander gaat helemaal niet in op je gevoel, maar op het feit waarbij jij dat gevoel hebt en controleert of hij/zij/het ook dat gevoel daarbij heeft en twijfelt daar ernstig aan. Meeleven met jouw gevoel is niet aan de orde... 

Wat is er in deze voorbeelden aan de hand? Met wie hebben wij te maken?

Op het eerste oog zou ik zeggen: wat een vervelende Autist! Die kijkt alleen naar de feiten en toetst of jij bij die feiten wel de juiste emoties toont. Juist is dan juist volgens het perspectief en de kennis en ervaring van de Autist. Dat er op dat moment iets anders aan de hand kan zijn en dat jij dat inbrengt, is voor de Autist een onmogelijkheid. Het past niet in het voorgeschreven plaatje, dus bestaat het niet, is het niet relevant en moet het van tafel geveegd worden. 

Gebrek aan empathie? Nee gebrek aan waarnemend vermogen. Wat de Autist vooral ziet is zijn eigen binnenwereld en alles wat daarop precies projecteert in de buitenwereld. Past de buitenwereld niet op de binnenwereld, dan wordt die buitenwereld in twijfel getrokken, of in het ergste geval met geweld (verbaal en non-verbaal of zelfs met fysieke handelingen) te vuur en zwaard bestreden. Het interne gelijk van de Autist gaat boven alles. Dat daarmee de relatie in gevaar komt, valt niet binnen het besef van de Autist. Het eigen gelijk is in gevaar, dat moet eerst hersteld worden. Wat daarna over blijft is een leeg landschap, alle anderen zijn vertrokken. Bij de emoties van een Autist is er geen ruimte voor anderen, voor andere inzichten, voor een ander perspectief. Wat de Autist niet kent, dat mag er niet zijn. 

Jarenlang heb ik me gekrenkt gevoeld bij zulke uitbarstingen, en ook de mildere ontkenning van mijn eigen zijn kwam bij mij vaak hard binnen. Wat daarin met name in de weg zat en zit, is dat de Autist geen zelfreflectie heeft, niet snapt wat er gebeurt en ook niet in gesprek kan gaan over de interactie. Het is zoals de Autist het ziet, "hoezo, heb ik het mis dan"? De Autist mist het voorstellingsvermogen dat er iets anders aan de hand kan zijn dan zo hij/zij/het het ziet. Jarenlang heb ik me uitgeleverd gevoeld aan een Trump avant la lettre. Alsof ik er helemaal niet toe doe. En vele malen heb ik gedacht om het contact met de Autist maar helemaal op te geven. De door mij gevoelde onverdraagzaamheid werd me teveel. Retevermoeiend vond ik het ook, vooral de heftigheid van de emotionele uitbarstingen over schijnbaar futiele meningsverschillen of irrelevante feiten. 

Langzaam daalt het in dat ik het me niet kan voorstellen dat mensen zo hardnekkig volharden in hun eigen gelijk. En pats: jup spiegeltje. Dat doe ik dan precies zo als ik daar ook geen voorstelling bij heb en dat niet verdraag. Nou verdraag ik de Autist al mijn hele leven. Dus dat valt wel mee. En tegelijk pijnig ik mijn hersens om het te begrijpen. Helaas lukt dat niet, en dat zal ook niet. Begrip is wat ik nu nastreef, En dan begrip voor mijzelf. De Autist, die heb ik opgegeven. Ik ga er geen tijd en energie meer aan verspillen. Het zij zo, zo is de Autist. Mijn verwachtingen zijn bijgesteld. Ik laat me dan maar verrassen en denk: theater van de lach, dit is cabaret. Het leven een schouwtoneel en de Autist is tegen wil en dank de nar. Voor mij dan hè. Ieder zijn meug.

zondag 25 januari 2026

U heeft bezoek!

Leuk, bezoek! Tenminste, ik hoop dat het leuk bezoek is, dan is het ook leuk om bezoek te ontvangen. 

Vrijwel dagelijks staat een vers lijstje profielbezoekers mij aan te staren. Steeds vaker heb ik wat weerstand om dat lijstje door te nemen. Omdat er van al die bezoeksters niemand de moeite heeft genomen een berichtje te sturen. Tegelijk durf ik het niet aan om alle bezoeken meteen te verwijderen. Wie weet mis ik net die ene. Ja, ik heb ook FOMO. 

Geen berichtje maar wel een knipoog? Tja, dat valt mij al helemaal niet op natuurlijk, ik ben een man. Als ik niet aan een of ander ingewikkeld probleem denk, dan denk ik niks, merk ik niks op en sta ik gewoon wat voor me uit te staren. Gewoon lekker niks doen, niks denken, en goed zijn met mezelf in het moment. Als er niks is, is er ook niks om je druk over te maken. Wat is het toch heerlijk om man te zijn. 

Oh ja, dat lijstje. Ik begin er maar weer eens aan. Profiel 1. Wat een hoop woorden, ik kom er geen wijs uit. En, eh, waarom doe ik dit eigenlijk, want er is geen klik als de bezoekster niet de moeite nam contact te leggen. Die gedachte gooi ik maar weer overboord, zo komt er niks van. Het stramien lijkt ook hier nog heel archaïsch seksistisch - alsof het feminisme gewoon niet anders bestaat dan als woord in het woordenboek - dat de man de eerste stap moet zetten nadat de vrouw een uitnodiging heeft gedaan. Dat die uitnodiging zo onmerkbaar is als een watermolecuul in de oceaan, doet niet ter zake. "Ik heb je profiel bezocht, nou dan heb ik me toch al heel kwetsbaar opgesteld?!", is de moeite van de vrouw.

Zelfs na het lezen van "De kracht van echte mannen", snap ik het nog niet. En ik ga het ook nooit snappen. Oh zaligheid van het onkenbare. Als er iets is wat mannen boeit dan is het dat ze nog niet weten wat er voorbij de bocht te zien is. En vrouwen weten dat onbewust allemaal. Mannen hebben helemaal niks in te brengen. Het feminisme is onnodig, vrouwen hebben al de macht. En verder snap ik er niks van en wil ik mijn hoofd er niet meer over breken. Ik doe maar wat.

Eerste profiel bezoekster. Ja, leuke foto's, interessante zelfbeoordeling, rookt niet, drinkt voor de gezelligheid. Check: so far so good. Oh, kijk hier een paar leuke hobby's, wat echte levensvragen, geen gratuit gebabbel over horoscopen, geen spiritueel gebazel. Lijkt me een verstandige vrouw die er ook nog eens aardig uit ziet, en een verzorgd stukje tekst kan (laten) fabriceren. Ja hé, je weet het niet hè. Je moet ze de kost geven die een AI-gegenereerd profiel prompten op de man die ze voor ogen hebben. Of mannen dat doen? Geen flauw idee, ik lees hun profielen niet en zal er toch ook niks van begrijpen. 

Nog even verder scrollen. Oh bummer, verkeerde provincie. Huh wat staat hier: mijn lengte 185, jouw lengte minstens 190... Ja doei. Hopeloos dit. Weer iemand die een pappie zoekt en niet een gelijkwaardige partner. Ik heb heel lang gedacht dat het wel mee zou vallen. Maar dat doet het niet. Het is hardnekkig. Hé begrijp me goed, mannen zitten ook vol met vooroordelen over hoe hun ideale vrouw eruit moet zien. De details ken je zelf wel invullen, toch? En prima omdat overal elders tegen te komen. Maar hier op de spirituele dating site verwacht ik toch iets anders... 

Kijk, prima dat je rondkijkt. Maar als je dan op mijn profiel komt en ziet dat de lengte - of iets anders fysieks dat blijkbaar zo belangrijk voor je is dat je dit opneemt in je eisenlijstje - een no go voor je is, laat me dat even weten, dan hoef ik jouw profiel niet door te akkeren, het gevoel te krijgen dat je echt en oprecht bent om er dan achter te komen dat het niet zo is. Ik voel me niet afgewezen ofzo, ik vind het gewoon zo jammer van mijn beperkte tijd en aandacht om me bezig te moeten houden met zulke oppervlakkige materiële eisen en wensen van mijn niet-toekomstige bruid. 

Dus kom je op mijn profiel en lijkt het je wat, stuur dan ff een berichtje. Knipoog maar niet, want dat snap ik niet en vind ik meer iets voor een muurbloempje. Ik pluk principieel geen bloemen, dat vind ik namelijk vernielen van natuur. En als je afhaakt: laat het me weten: "sorry geen interesse". Misschien moet er een optie komen om jouw profielbezoek te wissen. Waarom ook niet. Op straat kijk je toch ook en draait je hoofd om als het niet bevalt? Niks mis mee... Ik ga ook niet enthousiast voor een ontmoeting met een wild onvoorspelbaar dier dat mij ziet als prooi. Dan draai ik me om en ren hard weg. Nee dank u. 

donderdag 11 september 2025

Eeuwige Trouw dl.2

Zo even slenterden we hier voorbij, druk in gesprek. Vlak daarvoor hadden we plezier met kinderen die uit twee tegenoverliggende zolderramen spullen naar elkaar overgooiden. Een vervanger van stoeprandje in dit smalle straatje zonder trottoir. We wierpen hen toe wat er op de grond was gevallen. In een lacherig bui stonden we plots voor de open deur. Na een korte aarzeling wees ik, bracht ik haar blik naar het bordje: "kunstkijkroute". We keken elkaar aan, haar hand trok mij al in de richting van de uitnodigend open staande deur. Ik zag de opening, de mogelijkheid, de kans, de optie. Twijfel, even was er twijfel. Wil ik dit wel? Wil ik niet liever nog wat in onzekerheid en luchtige vrolijkheid met haar door deze kleine straatjes slenteren? Als een beginnend koppeltje dat nog niet vastlegt hoe het verder gaat. De keuze uitstellen, het moment van nu rekken. Ik wil niet, ik hoef nog niet zo nodig. Zij is resoluut, neemt mij aan de hand. Ze kiest, het moment is daar. Zij weet, zij ziet. Ik zag het gisteren al, de eerste aankondiging van de duidelijkheid. Toen ze voor mij precies verwoordde wat er in mij leefde. Tot op de komma nauwkeurig keek ze diep in mijn ziel, en raakte mij.  Nu laat haar lichaam zien waar we staan. Ik kan niet anders dan er in meegaan. Steeds heb ik ja gezegd tegen wat er is, wat er was, wat er komt. Ik loop voorop naar binnen, neem schijnbaar initiatief. Zij stuurt me. De keuzes komen uit haar, omdat ze weet. Ik neem de stappen, ga voorop. Hierin staan we samen sterk, weten en kiezen. Zij weet, ik kies. We sturen elkaar, als navigator en bijrijder. Zonder elkaar zijn we beiden gemankeerd. We kunnen zeker zonder elkaar op eigen kompas varen. Met elkaar heeft het leven van ons allebei zoveel meer rijkdom, is het zoveel meer intens. Ik straal en zij heeft de energie, zij weet en ik kies, zij begrijpt en ik accepteer. We versterken elkaar, vullen aan en maken elkaar zichtbaarder voor de wereld. Samen gaan we op in het geheel. We groeien, snel en groot, in elkaars nabijheid.

{wordt vervolgd}

woensdag 10 september 2025

Eeuwige Trouw dl.1

Ondanks het briefje, stoot ik bijna mijn hoofd wanneer ik het smalle trapje afdaal. "Pas op je hoofd", staat er. Het lijkt mij een uitnodiging om juist dat niet te doen. Terwijl ik lees, ben ik voor even weer in dat kerkje. Daar waar ik vier jaar geleden mijn hoofd stootte. De tekst trekt mij naar zich toe, de woorden zuigen mij op. De herinneringen flitsen door mijn hoofd, de neurale ontdekkingstocht in mijn brein lijkt minuten te duren. In werkelijkheid is het een flits, een zucht. Geen twee treden durend op de in totaal vijf van het wit houten trapje en mijn brein koppelt aan wat mijn lichaam buiten al wist. Ik ken deze plek. Vorig jaar was ik er ook, liep ik er spontaan zonder nadenken binnen. Geen noemenswaardige herinnering in mijn hoofd. Het weten zit diep, is sterk. Deze plek verkoos mij, nee ons, om nu hier binnen te gaan. Ons moment is gekomen, we zijn onwetend, zoekend, aftastend. De realiteit die voor ons geschapen is, is zoveel helderder dan dat. We durven deze beiden niet onder ogen te komen.  Ik recht mijn rug, werp het verleden - alles eerder- van mij af en loop direct de kleine ruimte in. Een lage zoldering, witte balken, daartussen een donkerbruin plafond. Rechts het keukenblad, kookplaat, waterkoker, blad met thee en glazen. De vrouw kijkt me even aan, ik ontwijk haar blik. Met licht gebogen hoofd draai ik naar links, van haar af. Mijn aandacht gaat naar de voorwerpen op de tafel, ik neem niet goed waar. Wat ik zie zijn sieraden. Ik draal wat, weet niet goed wat ik hier doe.

{wordt vervolgd}

donderdag 30 januari 2025

Jeroen helpt Rob op weg

Juni 2023 heb ik voor het eerst een keer meegefietst op de 4-fiets. Dat was me al een paar keer aangeboden, maar om vage redenen was ik nog niet opgestapt, had ik me nog niet aangemeld en bleef ik liever solo fietser. Terwijl ik al een tijdje minder ver en minder vaak fietste dan te doen gebruikelijk. Van LAF ging ik naar MAF. De lange afstandsfietser werd een matig (afstand) fietser. Ik fietste amper nog, was moe en zag er tegenop. Dat was een bijkomende beperking voor het meegaan met de 4 -fiets, ik moest namelijk eerst nog een stuk(-je) solo fietsen naar de start. Dat bracht de nodige interne belemmeringen aan het licht en vaak was ik zelf niet in staat om die virtuele beren van de weg te jagen, waardoor ze deze bleven blokkeren. 

Door onbekende oorzaken - vermoedelijk was het langdurige sociale druk die me overstag deed gaan - ben ik in juni 2023 toch op de 4-fiets beland. Jeroen - de Captain in Charge - begroette me hartelijk. Ik was ruimschoots op tijd voor vertrek en stond aan de bar te wachten op de grote roerganger - de 4 fiets wordt namelijk bediend zoals een Tank. Dus niet met een conventioneel stuurwiel. Nee, met twee verticale stangen die naar voor en achter bewogen moeten worden om links of rechts af te buigen. Dat heeft meer weg van een roer installatie dan een fietsstuur. 

De fiets werd aan mij getoond en uitgelegd, inclusief de mogelijkheden van stoelverstelling. Naar voor en naar achter en de zitting kan naar buiten draaien om het opstappen te vergemakkelijken. Verder viel op dat je zit als op een stoel en niet recht naar beneden trapt, maar schuin naar voren en iets naar beneden. Ach, de lig/zit fiets is een redelijk algemeen verschijnsel in het nederlands straat beeld, u heeft vast zoiets al eens gezien. De trappers zijn bakjes met randen en straps (banden van plastic met een klem mechanisme), en er is een gordel aanwezig om niet van de stoel te schuiven bij een noodstop. Helemaal super de buper: een armleuning die gewenst en ongewenst - de service van de CiC is gericht op "u heeft het nog niet gevraagd, maar wij draaien vast" - neergeklapt kan worden. Ja, en ook weer op, logisch.

We gingen op weg om nog twee passagiers op te halen. De eerste ging al vaker mee met de fiets, Jeroen sprak met warmte over haar. Het opstappen verliep al wat vlotter dan bij mij, duidelijk een ervaren 4-fietser. Vervolgens zetten we koers naar een andere eerste opstapper. Voor Jeroen op een plek waar hij niet eerder stopte. Na een plaatsje op de stoep uit de loop te hebben gevonden belde Jeroen aan bij de deur van het flatgebouw - het ziet er uit als een vierkante flat, men noemt het " appartementengebouw", maar het is natuurlijk ordinair een flat - en wachtte op een reactie. Vanaf de fiets konden wij de conversatie haast woordelijk verstaan. Iets met nog niet ontbeten, nog niet gedouchet en een ondertoon van geen zin, niet durven, ik hoef niet, ga maar zonder mij.

Enfin, Jeroen zette zijn beste overtuigingstactiek in - tenminste zo klonk het voor mij, ik had verder geen ervaring met zijn contactuele eigenschappen, maar vermoedde dat dit dan het overhalen van onwillige klanten moest zijn. Het lukte niet, hij vroeg haar om even naar de fiets en ons te komen kijken. Dat werkte wel, vanaf het balkon aan de zijkant van het gebouw op 3 hoog verscheen een iele gestalte die naar ons riep. Nog een paar maal klonk er een wat schuchterder nee, ik moet nog doesjen, ik wil jullie niet ophouden, ga maar zonder mij, ik ga nog wel eens mee (ooit-nooit, dacht ik er achter aan). 

Jeroen was inmiddels weer gaan zitten op de fiets. Er was niets aan hem te merken, geen teleurstelling of anderszins dat hij ermee zat dat het niet was gelukt om deze dame - die zich toch echt zelf had opgegeven mee te gaan met de 4 fiets - zover te krijgen dat ze zou opstappen. Hij zat - zo stelde ik vast - nog in de overtuig modus en nam even een aanloopje voor een ultieme poging en vroeg mij of dat zin had. Ik zag het als een aanmoediging om ook eens een duit in het zakje van "overtuig iemand die wel wil , maar grotere beren heeft dan ik me kan verbeelden". 

En dat werkte, ik weet niet meer wat ik heb gezegd, wel de reactie van Jeroen die zichtbaar blij was te merken dat hij er niet alleen voor stond. Ik kreeg het predicaat geschikt en er werd toegevoegd; aanwinst, je mag vaker mee. Ik had nog geen meter getrapt - de 4fiets heeft electrische ondersteuning, dus een electromotor, dus is het een motorfiets. Ik heb jaren gemotorfietst, en daar nooit op bijgetrapt, dat beviel altijd erg goed. Dat niet meetrappen had ik nu dan spontaan gecompenseerd door te doen wat ik het liefst doe en wat me zonder inspanning goed afgaat. Mensen helpen te doen wat ze willen, terwijl de beren hun wegversperren, is een soort van natuurlijke staat van zijn voor mij. Jeroen blij, ik blij, Tonny blij en ... nou ja of de andere nieuwe opstapper blij was dat werd me nog niet helemaal duidelijk. Ze had nog niet gedouched en in de gauwigheid iets te eten meegenomen. Maar ze zat op de fiets; De fiets was gevuld en we konden op weg! Mission Accomplished!

zondag 12 januari 2025

Plakkertjes, stickertjes en de dergelijken


Pas recent is me opgevallen dat er op de waslabels van nieuwe kleding kleine plakkertjes zitten. Eerder vond ik wel vaker de resten hiervan bij het schoonmaken van de pomp van mijn wasmachine. Ik begreep echter nooit waar die plakkerige stuff vandaan kwam en heb toen maar opgegeven daar over na te denken. Mijn innerlijke Sherlock had te weinig informatie om te komen tot een sluitende deductie. Hoe ik dan nu de link wel heb gelegd is mij een raadsel. Wie Joost heet mag het zeggen. 

Zo ongeveer 2x per jaar koop ik kleding, meestal in een periode van een paar weken. En daar moet ik het dan maar mee doen. Het is niet dat ik een hekel heb aan het kopen, maar het kiezen gaat me slecht af. Als ze in de winkel nou precies dat hadden we me bevalt en verder niet, zou me veel frustratie en vermoeienis bespaard blijven. Helaas leven we niet achter het ijzeren gordijn... 

De maand januari is voor het kleding kopen ideaal, en dit jaar was het hard nodig dat ik eens wat nieuwe kledij zou aanschaffen nadat ik daar al ruim 2 jaar niet aan toe gekomen was. Tegenwoordig doe ik dat ook online, net als iedereen (nou ja, bijna iedereen). Daarbij heb ik een grote hekel aan het terugsturen van producten. helaas ontkom ik daar ook niet aan vanwege het gebrekkig maatvaststellings beleid van de diverse fabrikanten.  Er is geen algemeen geldende afspraak over welke maat welke afmetingen heeft. Wat bij de een groot valt kan in dezelfde maatduiding van de andere fabrikant veel te klein zijn. Dat heb ik recent een paar maal ervaren. Ergerlijk vind ik dat. 

Maar mijn ergernissen over het koopproces vallen in het niet bij mijn woede over al die plakkertjes. Zover ik nu begrepen heb, zijn het Qualitätskontrolle stickertjes. Als we het over kwaliteit hebben, dan spreken we Duits, logisch. Voor de garantie van kwaliteit heeft iemand het product gecontroleerd op fout en kapot, en geconstateerd dat dat niet aan de hand is. De sticker is de bevestiging dat het item door mag naar de klant. 

Ik stel me zo voor dat er de godganse dag mensen t-shirts zitten te bekijken op loszittende naden, gaten in de stof, kleurverschillen etc. etc. en dan een stickertje plakken. En dat er verderop mensen de hele dag naar stickertjes zitten te staren voordat ze het item een labeltje geven en vervolgens inpakken in plastic. 

Nou snap ik dat er kwaliteits controle is. Het is een enorme kostenpost als je dit aan de klant over laat - ik zal later nog eens schrijven over een branche waarin dat de normaalste zaak van de wereld is. Maar met alle moderne middelen van nu, moet je dan nog stickertjes plakken?

Dan zijn dit alleen nog maar de stickertjes op kleding. Wat denk je van fruit: bananen, kiwis, appels. Allemaal bestickerd. Wie doe dat, maar bovenal: wat is het nut? Ik zie zo ook wel dat een banaan een banaan is. En als je dan wil onderscheiden vanwege het afrekenen, dan is 1 sticker per tros wel  genoeg. Maar met het moderne zelfscannen zijn stickers echt overbodig geworden, waar ze altijd al een onzinnige verspilling zijn. Ik heb het niet uitgerekend, het lijkt me echter een enorme berg stickers, die allemaal klein zijn en daarom alleen al een milieu risico vormen. Bovenal is het verspilling in alle aard. 

The Devil is in the details. Is dit een detail dat iedereen zo vanzelfsprekend vind dat er geen reuring over is? Statiegeld op blikjes, iedereen aan de zonnepanelen en van het gas af, recyclbare verpakkingen, noem maar op. Vergeten we bij al die grootse acties niet iets? Namelijk dat alle kleine beetjes bijdragen, en dat heel veel kleine beetjes een enorme bijdrage zijn aan het verbeteren van onze omgang met de Natuur (het moet maar een naam hebben). Het gaat hier om HEEL ERG VEEL vervuilende en onnodige stickertjes. Tijd om daar radicaal mee te stoppen. Opzouten met je ouderwetse en vervuilende bedrijfsprocessen, en snel een beetje!

Oh, ik heb overwogen om de kledingfabrikanten aan te klagen voor het stuk gaan van mijn wasmachine. Inderdaad, de pomp zat vol met die smerige plakkertjes. Het kan alsnog, maar ik heb van de nieuwe kleding alle stickers al bij het restvuil gedaan... Vraag me af of ik de enige ben.

vrijdag 10 januari 2025

Onzin!

 ONZIN!

"De eerste mislukt altijd", zegt men. Over pannekoeken gaat het dan. Maar ik heb het ook al gehoord van een man over zijn oudste kind, en van schilders over hun eerste doek. Nou noem maar op, het is van pannekoeken tot erger gegaan. Het is onzin, natuurlijk is het onzin! Als iedereen elkaar nabauwt en geen vragen stelt, dan is het onzin, daar kun je zeker van zijn. 

Er wordt erg veel onzin verkocht onder het mom van algemeen geldende wetten en regels die er helemaal niet zijn. Het zijn zaken die door veel mensen waargenomen zijn en alleen daarom voor algemeen waar gaan gelden, en dan maar meteen in ALLE gevallen. Het zijn heel veel N=1's. Maar de tegenvoorbeelden hoor je niet, nooit. Vanuit een soort groepsgevoel is het aantrekkelijker om de onzin na te praten. Als maar genoeg mensen dezelfde onzin verkopen, dan lijkt het al snel waar. De mensen die zich aansluiten bij de groeiende groep, die hebben dan het gevoel ergens bij te horen. Het legioen van onzin-roeptoeteraars, hooligans van het ware woord, de kudde van kletsmajoors. Het zijn schapen in een mensenvacht.

Altijd, Nooit, Alles, Niets, Iedereen, Niemand, dat soort absolute woorden signaleren al dat er iets niet in de haak is. De Natuur doet niet aan altijd en nooit. De natuur is grillig, toevalig en willekeurig en bestaat bij de gratie van variatie. Is dus niet van het 'in alle gevallen identiek'. Er zijn niet voor niks zwarte schapen. Dat is een gevolg van het - gelukkig maar - imperfecte karakter van de natuur. Foutjes gebeuren continu en dat is de verzekering dat het leven voortgang heeft. Wat perfect is, dat sterft snel uit of wordt anders wel - met de mens als grootste boosdoener - kapot gemaakt.  

Zelfs in de meest zekere en enig ware wetenschap die er is - de natuurkunde - is men het niet eens over de essentie. Moeten we de fenomenen nu beschrijven met een snaar, of in deeltjes? Men weet het niet en komt er niet uit. De moeder aller wetenschappen dubt al decennia met deze kwestie. Dit gaat om een theorie over ALLES. Daar heb je het al "Alles'! Nou, alles laat zich niet vangen in 1 theorie, net zo goed als dat alle gevallen niet onder 1 noemer zijn te scharen. En daarbij blijft het maar een theorie, een model. Dat IS niet de werkelijkheid, dat IS hoe wij mensen de werkelijk interpreteren en beschrijven. Dat zijn 2 heel verschillende dingen. 

Soms lijkt het er wel op dat de interpretatie eerst komt en in veel gevallen ook het enige is. De meeste (nee niet alle!) mensen hechten aan hun eigen interpretatie (lees waarheid) van de werkelijkheid en doen niet eens moeite om verder te kijken dan hun neus lang is. Gemakzucht, luiheid, arrogantie, noem alle zonden maar op en je vind snel meer dan genoeg mensen die zich daar willens en wetens schuldig aan maken. 

Deze ziekte van het alles in 1 keer willen bevatten, het alles over een kam scheren, is wijdverbreid. Om verder geen moeite te hoeven doen en de uitzonderingen niet in ogenschouw te hoeven nemen. Het is letterlijk een waardeloze manier van beschouwen. Inderdaad waardeloos, omdat er geen waarde wordt toegevoegd, maar afgenomen. Al die gevallen waarin de wet/regel "De eerste mislukt altijd" niet geldt, die worden niet gezien. Het is de macht van de grote getallen, het economisch denken en een uiting van blasé en onverschillig zijn. Het is het typische "we weten al hoe het zit". De ziekte van de volgevretenheid, overmatige luxe en welvaart. De noodzaak tot onderzoek en nuancering is weg, er is geen prikkel meer. 

We noemen het ook wel het fin de siecle syndroom, waarbij angst en hoogmoed, als ook een enorme drang tot -individuele- expressie de toon voert. Door de Y2K problematiek - bij de eerdere overgang naar de 20ste eeuw was er niet zo'n probleem, er waren geen computersystemen en men was nog niet zo kortzichtig en economisch sluw om bewust een fout te introduceren in een weredwijd verspreid product - hebben we dat bij het begin van deze eeuw - millenium wissel! - niet maximaal kunnen ervaren en is dat uitgesteld alsnog gekomen, vanaf zo'n 10 jaar later. Mogelijk dat de angst overheerst en bekende coping bij angst zijn onder andere ontkennen, vermijden en verdoven. We willen één verklaring voor iets dat we niet begrijpen die altijd geldig is, dan zijn we weer gerustgesteld. 

De ziekte van onverschilligheid over mogelijke diversiteit - het alles onder 1 noemer willen vegen - uit zich ook in de manier waarop we - de mensheid bedoel ik dan, maar het gaat uiteindelijk altijd vooral om de klootzakken die de macht en het geld hebben - omgaan met alles van waarde: alles dat niet met geld te koop zou moeten zijn. Wat het in essentie ook niet is, maar velen willen dat niet meer onderkennen. Alles is tegenwoordig GELD, alleen wat valt onder de noemer economisch nut - lees geldelijk gewin - mag er zijn boven al het andere. Zo zag ik recent een film waarin een oliemaatschappij een schikking trof voor 5 miljoen dollar om zo de kosten voor het opruimen van hun troep en de boete voor het vervuilen van de natuur - wat in totaal ging om meerdere miljarden dollars - uit te sparen. En met die paar miljoen kochten ze ook de 'vrijheid' om door te gaan met hun zieke en vervuilende praktijken. Geen strobreed werd ze meer in de weg gelegd en de boer die ze had aangeklaagd vertrok met een bootje naar tropische oorden (letterlijk). Het vernielen van (natuur)waarde is met een koopje toegestaan. 

Ik ben niet zo voor het anderen opdragen wat ze moeten doen. Doe maar je ding en draag dan de consequenties. Helaas zijn we steeds meer het vermogen tot correctie verloren. We spreken elkaar zelden nog aan op fout gedrag. Alsof dat niet meer gepast is en iedereen zelf mag uit maken hoe de wereld ingericht is en hoe we daar 'maatschappelijk' mee omgaan. Mooie boel, er zijn dan 18 miljoen verschillende Nederlanden, de cohesie raakt steeds verder zoek. Dus laat ik dan wel oproepen tot het geven van feedback, elkaar aanspreken op slecht, fout, kwalijk, verstorend en asociaal (=tegen de maatschappij) gedrag en er zelf mee beginnen. Stop nou eens met het rondbazuinen van klinkklare nonsens en begin zelf na te denken! Stelletje schapen.

Overigens is er bij mij nog nooit een pannenkoek mislukt!

dinsdag 31 december 2024

Rijk!

Hoog boven mij vanuit het duister klinkt een triomfantelijke grinnik. Ik lig ondersteboven op de trap met mijn hoofd op de vloer en mijn nek in een vreemde knik. Met mijn rechterhand voel ik aan de onderzijde van de achterkant van mijn hoofd, een pijnscheut trekt door mijn lijf. Traag laat ik mijn benen zijwaarts verder de trap afrollen tot ik in foetus houding op de vloer lig. Met een blik in het donker van de trap wacht ik tot er iemand naar beneden komt. Ik blijf liggen en staar. Schuifelende voeten daar in de hoogte maken het wachten verder onnodig. De dader trekt zich terug in het donker, zonder enig ander geluid te maken. Naast de pijn in mijn nek en mijn romp - mijn rug doet vreselijk zeer - is de emotionele pijn ondraaglijk: Iemand heeft mij moedwillig de trap afgeduwd. Het besef dringt langzaam helder door: ik ben mijn leven hier niet zeker. 

De deur naar de keuken zwaait open en met dat mijn moeder de gang instormt schrik ik op uit mijn overpeinzingen. Ik herpak mij, ga snel op mijn hurken zitten en grijp de trapleuning om mijzelf overeind te hijsen. "Wat heb je nu weer uitgespookt", klinkt het berispend. Als een geslagen hond wankel ik langs haar naar de keuken. Zonder iets te zeggen ga ik op het bankje zitten, wachtend tot ze mij een kop thee inschenkt. De Omerta is hier heilig, elk woord van mij kan morgen leiden tot een fatale duw. De rest van de dag praat ik niet. Voor mijn wonden is er geen aandacht. Ze schenkt de thee, doet de melk erbij, een beetje suiker. Dan roert ze overdreven, proeft, en reikt mij de mok. Bah, alweer te lauw, te veel melk én voorgeproefd. Innerlijk walg ik, zonder dat te laten merken. Elk commentaar van mij, elke geuitte behoefte kan leiden tot een berisping, een veroordeling, een uitfoetering, of het minst erge van alles: straf. Zwijgen is hier goud. Ik ben blijkbaar een rijk kind.

maandag 24 mei 2021

WeerZeik

Dat godverdommese geklaag over het weer...

"Heb jij dit weer besteld?"
Hij komt binnen met woeste stappen en schudt de druppels van de armen van zijn jas. Opeens staan er twee vierkante meter aan Johan in het nu toch wel kleine halletje van mijn tussenwoning.

"Huh?
"Ja, het regent al de hele morgen, bah, bah, bah!"

Heb ik dit weer besteld, denk ik bij mijzelf, wat is dat voor een vraag. Moet ik daar antwoord op geven? Wat is dit?

"Eh, nou het is maar regen, toch?"

"Maar regen?!" brult hij met zijn baritonstem, die van de kale betonnen muren van het halletje terugkaatst.
"Maar regen!?" 
"Ik ben vanochtend al drie keer natgeregend. Bah, bah, bah! En straks moet ik ook weer terug, da's dan vier keer!"

Gezellig zo, denk ik en doe de deur naar de woonkamer open.

"Nou, eh, doe je jas maar op een haakje en hang 'm aan de voordeur, dan kan ie een beetje uitdruipen."

Na zijn jas trekt ie ook nog zijn schoenen uit, die gaan met veel geweld de hoek in. Hij stormt achter mij de woonkamer in, stoot bijna zijn hoofd aan de deurpost en richt zich dan midden in de kamer helemaal op om zich uit te rekken.
Ik deins ongemerkt achteruit, plots is het even heel erg donker in de kleine woonkamer. Iets in mij schrikt, een oergevoel om weg te rennen komt op, help een beer!

Van mijn kalme toestand van 5 minuten geleden is niks over. Lekker lezend in een boek met een warm kopje thee, mijn benen onder een dekentje op de rode bank, af en toe een beetje mijmerend naar buiten starend, probeerde ik me zo goed mogelijk voor te bereiden op het naderend bezoek.

Ik stel vast dat het allemaal niks heeft geholpen, ik ben een paniekaanval nabij en intern kook ik over van woede.

woensdag 29 april 2020

Wakker Worden

En opeens ben ik er weer. Zomaar midden op de dag na een flauw voorjaarsbuitje, loop ik in mijn tuin. Kijken of het groen al verder gegroeid is sinds gisteren. Traag komt het besef dat ik 'er weer ben'. Lopen gaat zonder moeite. Ademen kost geen aandacht. Energie is geen issue. Ik sta stil in mijn tuin en geniet van geuren, de frisse en een beetje zoete lucht die mijn aandacht naar de sering stuurt. Ik ben er weer, ik hoef mezelf niet te forceren om te lopen, om iets te doen, om wat onkruid te wieden. Er is geen moeite voor de gewone dingen, niet constant de gedachte om toch maar weer even te gaan liggen. De misselijkheid treedt niet elke minuut op de voorgrond, ik hoef niets weg te duwen, niets te bedekken. Er is geen storend en zeurend gevoel meer. Het gevoel moe is even helemaal weg. Ik ben er weer.

Vóór vrijdag was ik er sinds half januari elke dag 'weer'. En ook al was ik soms moe, dan had dat een duidelijk aanwijsbare reden: hard gewerkt. En op die momenten kon ik precies op tijd stoppen om nog energie te hebben voor zelfzorg: wassen, koken, douchen, boodschappen. Het ging als 'vanzelf'. Of zoals anderen zeggen: normaal. Maar voor mij was het niet normaal, want al jaren is mijn normaal: moe. Niet wetend wanneer er energie is om iets te ondernemen. Tot half januari. Sindsdien ging het steeds makkelijker. En hoewel ik niet gewend ben geraakt aan het dagelijkse gevoel van energie genoeg om het leuk te vinden iets te doen, het genieten daarvan was er steeds. Ik ervaar het als een wonder, iets bijzonders. Want zoveel jaren was dat gevoel er niet. Zo veel jaren dat ik ook geen herinnering meer had van het gevoel dat dingen als vanzelf gaan. Mijn normaal van moe was de status quo, mijn homeostase, mijn uitgangspunt. Ja bijna mijn: zo ben ik nu eenmaal. Alsof het in steen gebeiteld stond dat ik altijd moe zou zijn en dat alles veel moeite zou kosten en dat ik maar weinig werk verzet zou krijgen. In elk geval niet zoals ik het anderen van mijn leeftijd zie doen.

En vrijdag was dat nare gevoel er 'opeens' weer. Doodmoe, misselijk, koortsig, zweterig. Zonder inspanning al uitgeput. En met de gedachte dat er nog iets zou 'moeten', de moed al verliezen om nog iets te ondernemen. Op de bank, in bed, onderuit op een stoel. Alles was weer te veel: koken, wassen, douchen. Ja zelfs opstaan van de bank leek een enorme opgave. En was dat ook, want vermoeiend.

Wat de fuk is er gebeurd? Dat ik opeens weer zo moe was en ziek eigenlijk ook. Of ziek en daardoor moe?

Eten, iets van eten. Maar wat? Ik ben er nog niet uit. Heb ergens bij iemand een 'gezond' gebakje gegeten en niet het vermoeden dat ik daar deze klachten van heb gekregen. Maar een andere verklaring heb ik niet. En wat er precies in dat gebakje zat, dat weet ik nog niet, het onderzoek loopt.

Voor nu: ik ben er weer doorheen en ga met hernieuwde moed verder op de ingeslagen weg. En ondertussen: vooral oren en ogen open houden en verleidingen buiten de deur houden. Ik zeg: opzouten met je bitterbal!

zondag 8 september 2019

Nooit meer

Nooit meer

Nooit meer samen Morse kijken,
Nooit meer ach godskens,
Nooit meer genieten van Toon.

Nooit meer Stoofschotel,
Nooit meer die Appeltaart,
Nooit meer draadjesvlees.

Nooit meer Annie MG,
Nooit meer Ja zus nee,
Nooit meer Fars Mesjeur.

Nooit meer Kok,
Nooit meer Foto Kabinet,
Nooit meer Keunigin,

Nooit meer alles in het midden,
Nooit meer sal reg kom,
Nooit meer de ander op 1.

Nooit meer.

vrijdag 14 april 2017

Melancholisch in Madrid

Niet eerder gepubliceerd
Geschreven op 14 december 2007


Vandaag wil het even niet, ik ben melancholisch, nee triest, verdrietig en teleurgesteld en een beetje eenzaam. Desondanks heb ik erg genoten van een paar mooie en leuke momenten. Het opstaan vanochtend, na twee dagen vroeg naar bed en niet in La Venencia te zijn geweest vanwege een keelontsteking, voelde ik mij weer goed en sterk. Ja nog een kuchje hier en daar en wat misselijk, maar opgeladen voor een zware dag. Things to do, people to see. Vandaag ga ik Sadi fotograferen, ze zit in mijn klas, is 22 jaar en erg fotogeniek. Dinsdag in de klas heb ik al een foto van haar gemaakt en zelfs ik ben tevreden, als dat niets zegt...

Daarna op school een pakketje uit Nederland! Geweldig leuke verrassing, bedankt Sas, het doosje puilde meteen uit van geluk. En dan in het Italiaans, ik dacht terug aan die tijd dat jij daar verbleef en wij soms uren aan de telefoon hingen. Mooi om dat moment vanochtend in de klas even te herinneren met mijn lerares, Espe. Het helpt me nu om mijn grootste emotie van deze dag opzij te schuiven. Er aan denkend moet ik toch weer huilen. Het is teveel op dit moment. Emotie op emotie. Alles tegelijk. Ja ik leef, de momenten van bezinning zijn de laatste dagen er amper geweest. Ik ben druk en het voelt heel goed, nu schakel ik terug en schrijf weer, om mijn gedachten te ordenen en mijn gevoel de ruimte te geven die nodig is.

De afgelopen dagen: ik schrijf er nog over, later als ik weet wat ze voor me betekenen. Nu zit ik nog midden in een verhaal waarvan ik zelf niet weet welke rol ik speel en wat de plot is. Ja het leven is onvoorspelbaar en ik geniet ervan. Maar hier nu al over schrijven, nee het verhaal moet nog rijpen, later, volgende week misschien.

Hier en nu, vandaag. Espe, mijn lerares. Ze is leuk, alternatief, ruimdenkend maar ook hangend aan oude cultuur. Ze houdt van taal en daar hebben we een klik, we zijn verliefd op dezelfde grammaticale structuren en genieten van de fonologie van het spaans. Ze is prettig in het contact en heeft humor, we begrepen elkaar bij het eerste oogcontact en vanaf de eerste dag dat ik les van haar had, voel ik me bij haar thuis. Als een vriendin die ik een tijdje niet gezien heb. Vanaf dinsdag vorige week bracht ik elke dag bonbons voor haar mee, de eerste maandag deelde ik een stukje van mijn chocolade met haar toen het lesonderwerp over eten ging. Ze vertelde me dat ze gek is op chocola, donkere chocola. Ik bracht haar chocolade hartjes en ze koesterde ze met twee handen, alsof het engeltjes waren, ja ze is ook nog eens heel lief.

Ik vroeg haar mee uit eten, vorige week. Ze had het druk maar zei geen nee. Volgende week, dan vertel ik je wanneer. Het is volgende week en ik heb het nogmaals gevraagd, via een kaartje, in het spaans, naturalmente, ze spreekt 1 woord engels: "no". Voor de goede orde: ze heeft een vriend, ja ik bederf de spanning, bewust. Zo voelde het voor mij vorige week ook, slim van haar om dat meteen te laten vallen. Gisteren zou ze antwoorden op mijn verzoek, ik hoorde niets van haar. Aan het eind van de middag spraken we kort, ze kon niet, heeft het te druk, teveel aan haar hoofd, dingen te doen. Wanneer ik terug kom, dan gaat ze met me eten, ik schud mijn hoofd en zeg veremos: we zullen zien. Bozig loopt ze weg.

Ik accepteer haar nee, maar begrijp het niet. 's Avonds denk ik erover na, ik kan geen reden verzinnen waarom ze niet zou willen. Ik moet het haar vragen. Vandaag na de les, we gaan even apart zitten in een leeg klaslokaal, de deur dicht. Onder vier ogen vraag ik het: "is er een culturele reden waarom je niet met me kunt uit eten?", ze antwoord nee. "Ik ga met je uit eten, nu kan het niet." Nogmaals: "Is er misschien een regel op school dat je niet mag uit eten met studenten?", zelfde antwoord: "nee, want ik ga vaker met studenten op stap, geen probleem". Derde vraag: "Wil je me vertellen waarom nu niet, en wel in februari? Ik wil het graag begrijpen."

Ze vertelt, en ik huil. Haar vader krijgt vandaag de uitslag van een onderzoek. Mogelijk wordt er darmkanker vastgesteld. Dan zal ze meteen naar huis gaan, bij haar familie zijn. Ik begrijp het en leg een troostende hand op haar schouder. Ze zegt me dat ze nu niet kan en wil huilen, ze is op school en moet sterk zijn. Dat ik het niet aan mijn klasgenoten moet vertellen. Ze wil er niet mee geconfronteerd worden. Ik vertel haar over Co en mijn nog onverwerkte verdriet over Hait. Ze troost me door te zeggen: het is OK dat je huilt. Ze is mijn vriendin, hier en nu. En dat zeg ik haar ook, "ik mag je erg graag en daarom kwam ik naar je toe, om te weten wat er aan de hand is". Ik wens haar veel sterkte we gaan weer verder met de dag.

Nu hier zittende en schrijvende in de kantine van de school, loopt Espe 1x voorbij om naar de wc te gaan. Ze raakt mijn schouder even aan, en de tranen rollen weer over mijn wangen. Opeens zijn alle andere zaken die mij bezighielden niet meer belangrijk. Net als een paar weken geleden in Appelscha bij de begrafenis van Tristan's vader, voel ik nu mee met haar verdriet en verwerk ik weer een stukje van mijn eigen. Ik ben haar erg dankbaar dat ze dit met mij wilde delen. Ik ben alweer een stapje verder. Er zullen er nog vele volgen. Muchas Gracias, Espe. Yo te queiro mucho!

zaterdag 24 december 2016

Gezellig!


Wat is dat toch met gezelligheid? Wanneer is het gezellig en wat is er voor nodig? Vrouwen zijn vaker in de weer met “het gezellig maken”. Voor mannen is dit helemaal niet nodig: zet twee mensen bij elkaar en het is al gezellig. Hoef je niets voor te doen. Bij vrouwen is het een ritueel, het lijkt alsof ze iets buiten zichzelf nodig hebben om het gezellig te mogen vinden. Gewoon gezellig zonder er iets voor te doen lijkt voor hen niet te bestaan. Nee, kaarsjes, gedempt licht, iets speciaals om te eten, wat bijzonders om te drinken, de juiste temperatuur, een dekentje, een leuk boekje – ja vrouwen kunnen het ook gezellig hebben als ze alleen zijn! – allemaal instrumentarium voor vrouwen om het gezellig te ‘maken’. Voor mannen is dit totaal onbegrijpelijk. Het streven naar gezelligheid is voor hen net zoiets als het streven naar ademhalen. Overbodig gedoe: het is gewoon gratis en zonder extra moeite aanwezig. Gezelligheid voor mannen is iets zo vanzelfsprekends dat ze argwaan krijgen als het woord genoemd wordt. Als vrouwen het hebben over “het even gezellig maken”, of uitspreken dat het “toch zo gezellig is”. Voor mannen is er dan stront aan de knikker, want waarom iets benoemen dat zo vanzelfsprekend is? Nee, voor mannen hoeft al dit gedoe niet waar gezelligheid voor vrouwen niet zonder schijnt te kunnen. Als het aan mannen lag was het gewoon altijd gezellig!

zaterdag 28 juni 2014

Hebben

"Materialisme is mij vreemd", zegt mijn vriend. "Met spullen heb ik niks, ik hoef niets te hebben.
Hij heeft overigens een vriendin en een kind en een boek geschreven en allemaal grote ideeën. En hij gelooft. Waarin precies dat is mij niet duidelijk, maar wel dat het belangrijk voor hem is om "het geloof" te hebben.
"Hoe niet-materialistisch is het hebben van iets niets tastbaars eigenlijk?"

donderdag 26 juni 2014

Gitaar


Gisteren heb ik mijn oude, allereerste spaanse gitaar weggebracht. Vorig jaar kwam ik op een ochtend de woonkamer in en zag ik dat alle snaren raar gekruld zaten. De kamplaat had losgelaten. Verdorie, dat deed toch wel pijn! Mijn eerste gitaar kapot... Na bijna 30 jaar er op gespeeld te hebben was het over en uit... Ik ben toen naar de gitarenman gegaan: Kees Dee op de leusderweg. Het zou meer dan 100 euri kosten om te laten maken en dan was het nog maar de vraag of en hoe lang het goed zou blijven. Een andere kopen was een verstandiger beslissing. Dat heb ik toen met behulp van een sponsor (dank Sylvia!) gedaan. Sindsdien speel ik weer meer gitaar. Maar toch bleef het kriebelen. Omdat het gevoel en geluid van die oude vertrouwde inmiddels zo in mijn lijf en mijn oren zit, en ik het graag weer hoor. Dus ben ik gisteren naar Kees Dee gegaan en heb 'm afgeleverd. Deze keer voor een alles of niets no cure do pay poging van 2 tientjes (de gitaar heeft ooit 150 gulden gekost). Hij gaat 'm lijmen. Ik ben heel benieuwd, volgende week gaan we het horen, hoop ik!

http://i187.photobucket.com/albums/x23/Lordio/gitaar.jpg

woensdag 25 juni 2014

Feestje

Gisteren heb ik het jaarfeest van NVA meegemaakt. Ik ben daar taalcoach sinds een paar maanden. De aftrap was met een waar levend ganzebordspel. Ja, heel grappig, het voelde weer even alsof ik 8 was en een kinderfeestje had...
Daarna een buffet/BBQ waarbij de chefkok van tevoren mijn eetwensen had genoteerd en daar goed voor gezorgd had. Geen last van darmen, maag, buik of hoofd: prima! En rond half 8 ging de dansvloer open. Veel afrikaanse en zuidamerikaanse ritmes. Ik heb eerst maar eens genoten van het schouwspel van allemaal dansende dames op de vloer. Ja, bij het NVA is de overgrote meerderheid van de medewerkers vrouw. Nee, mij hoor je niet klagen :-)
Daarna heb ik mijn nummers uitgepikt om ook weer eens wat te swingen in dit inmiddels weer wat soepeler lijf. Heerlijk!
Ergens tussendoor heb ik 3 hele interessante gesprekken gehad, en nog wat leuke mensen gezien en leren kennen. Kortom: een top feestje. Voor mij is het weet ik niet hoe lang geleden dat ik zolang achter elkaar (bijna 8 uur) zonder noemenswaardig protest van mijn lichaam (moe, nek/hoofdpijn) heb mee kunnen doen. Heerlijk, ik voel me steeds weer wat vrijer om te doen wat ik wil zonder al teveel beperkingen.